Esus en Tarvos Trigaranus

Tarvos TrigaranosLang geleden toen de wereld nog jong was, gebeurde er iets wonderlijks.

 

In de vroege lente werd, vlak bij het meer van de godin Coventina, een stierenkalf geboren. Je kon in een oogopslag zien dat dit geen normaal kalf was. Zijn vacht was goud-rood en zijn bouw was perfect. Zijn ogen waren groot, helder en intelligent.

 

Hij was net opgestaan om te rennen en te spelen toen er uit de lucht drie statige kraanvogels neerdaalde. zij dansten om hem heen in een cricel en plotseling boog hij, heel plechtig, zijn hoofd drie maal aan hen.

 

Terwijl de lente overging in de vroege zomer groeide hij snel op en was al zeer snel volgroeid. Nog nooit was er een stier geweest zoals hij. Zijn roem verspreidde zich heinde en verre. Dieren, mensen en goden kwamen van ver om zijn schoonheid te bewonderen en hij kreeg de naam Tarvos Trigaranus. Overal waar hij ging, gingen de kraanvogels ook, zij waren zijn trouwe metgezellen.

 

Onderussen had Esus, god van de jacht, gezocht in de velden en bossen van de wereld, op zoek naar een dier welke zijn jacht waardig was. Hij vondt echter geen enkel dier dat aan zijn tevredenheid voldeed. Op een mooie vroege morgen stuitte hij per toeval op de weide waar de stier en de drie kraanvogels sliepen. Na een blik op de stier wist Esus dat zijn zoektocht was afgelopen. Hij trok zijn mes en kwam aflopen op de slapende stier, maar de kranen zag het gevaar en gaven een alarmkreet.

 

De stier stond op, zijn gouden hoorns waren formidabele wapens. Esus en de goddelijke stier raakte in heftige strijd. Ze vochten de hele dag en nacht, maar geen van beiden leek de ander te kunnen verslaan. De strijd ging vele dagen door. Het was op een nacht, in het duister van de maan, toen de stier begon te verzwakken. Daar, onder een grote eikenboom, gaf Esus de stier de dodelijke klap. Zijn bloed stroomde over de wortels van de eik waarna de de bladeren goud-rood kleurden als teken van pure schaamte en verdriet.

 

De kraanvogels huilden met luid kabaal. Een van hen vloog naar voren en ving, met een kleine schotel, enkele druppels op van het stierenbloed. Daarna vertrokken de kraanvogels, naar het zuiden. Een gevoel van somberheid trok over de wereld. De bloemen verwelkten en de bomen lieten hun bladeren vallen. De zon trok zijn warmte terug en terwijl de wereld steeds kouder werd viel er voor de eerste keer sneeuw. Men bad tot moeder aarde om de warmte terug te brengen, of ze zouden allen omkomen. Zij hoorde het en kreeg medelijden met de hele natuur.

 

De drie kraanvogels kwamen terugvliegen uit het zuiden en een had nog steeds de schotel. Het vloog naar de eik waar de stier was gedood en goot het bloed uit over de aarde. Plotseling, sprong het kalf uit stof op, herboren uit moeder aarde. De hele natuur verheugde zich. Gras en bloemen verrezen. Bladeren schoten uit de bomen. Voorjaar was weer terug op de wereld.

 

Esus, hoorde echter van de wedergeboorte van de stier en ging wederom op zoek naar hem. Dit was het begin van de cyclus die tot op heden nog bestaat. Esus overwint altijd de goddelijke stier, maar Tarvos wordt altijd weer herboren uit moeder aarde. Laten wij hopen dat moeder aarde altijd zorg blijft dragen voor zijn wedergeboorte. 

 

Tarvos Information Management

Copyright © 2009-2017 Tarvos Information Management, Landmansweg 10, 8536 TB Oosterzee, Nederland. www.tarvos.nl
t m